Van kind tot kunstenaar

Peter Six werd op 21 februari 1958 geboren als de op 1 na jongste van een gezin van 6 zonen en 2 dochters. Belangstelling voor kunst en cultuur kreeg hij met de paplepel mee. Zijn vader was lang voorzitter van de verenigde heemkundige kringen van vlaanderen , hij bezat een goed gevulde bibliotheek en archief van heemkundige tijdschriften die druk gelezen werden door zoonlief. Het gezin bezocht vaak musea en tentoonstellingen.
Peter kan zich geen tijd indenken dat hij niet tekende of schilderde. Als kind volgde hij op woensdagmiddag de kinderacademie, later deed hij er zijn secundaire opleiding in wat toen ‘sierkunsten’ heette.
Net na die opleiding kon hij al een eerste tentoonstelling op zijn naam schrijven: In 1976 in restaurant de Zen in de beenhouwersstraat mocht hij zijn eerste werken ophangen. Een tijd later volgde een uitgebreidere tentoonstelling in het Botaniekske. Oud-docent Robert Vanhaeke probeerde Peter er nog van te weerhouden, volgens hem was het niet verstandig om ‘te vroeg’ reeds te exposeren….

Even was er nog een aarzeling in de vorm van een jaar bouwkunde (zoals zoveel ouders die het talent van hun kind wel onderkennen was er allicht een zeker bezorgdheid over de financiële onzekerheden van een kunstenaarsbestaan) maar daarna trok hij naar Gent voor de 5- jarige opleiding in ‘vrije grafiek’ in de Stedelijke Academie

Peter herinnert zich die tijd als een boeiende periode waarin hij ook zijn muzikale talenten kon ontwikkelen in het experimentele muziekcentrum Logos van de vermaarde Godfried Willem Raes kon ontwikkelen. Zijn gitaarspel is niet onverdienstelijk maar voor Peter bleef muziek altijd pure ontspanning.
Voor hem waren de grafische kunsten zijn toekomst.

Zelfstandig kunstenaar

Na zijn opleiding vertrok hij naar Kortrijk om er met een medestudent te gaan werken in een groot atelier. Hij werd zelfstandige en begon een zeefdrukatelier. Hij volgde nog een avondopleiding beeldhouwen maar besloot al gauw dat papier hem beter ligt.

Tentoonstellingen volgden elkaar op, zijn reputatie groeide. Helaas is dat geen garantie voor financiële zekerheid als zelfstandig kunstenaar. Nog minder als je een interim als lesgever in het Stedelijk Secundair KunstInstituut in Gent aanvaard. Lesgeven ging Peter goed af maar was volgens de belastingdienst onverenigbaar met zijn zelfstandig statuut.
Vadertje staat wou geld zien, het atelier werd gesloten en Peter moest in schuldbemiddeling.
Het zou niet de laatste keer zijn dat hij problemen kreeg met de bureaucratie. Toen hij in de jaren ’90 voor Greenpeace een omvangrijke serie dolfijnen en walvissen schilderde kreeg hij nogmaals problemen toen die organisatie hem facturen stuurde als was hij een zelfstandige. Weer volgde een financieel benarde periode…

Veel kunstenaars ervaren soortgelijke problemen met RVA en belastingen… Het beleid zegt aan die problemen tegemoet te komen door het zgn. kunstenaarsstatuut maar veel kunstenaars denken daar anders over. Peter Six heeft het nooit aangevraagd. Hij gelooft zelf meer in het opstarten van een VZW om inkomsten en uitgaven te beheren.
Het vraagt alleen wel tijd en energie om je weg te vinden in de hele regelgeving. Voorlopig vind hij soelaas en bescherming door een goed begeleid budgetbeheer zodat zorgen over administratie en belastingsdiensten zijn werk niet langer ondermijnen.

Over zijn werk

Peter Six wil niet spreken over een ‘evolutie’ die men in zijn werk zou kunnen terugvinden. Hij heeft het liever over verschillende facetten ervan.
Abstracte schilderijen, zwart-wittekeningen, ‘wiskundige’ composities, werk aan zijn ‘alfabet’ en af en toe wat figuratieve en COBRA- geïnspireerde werken wisselen elkaar af.
Thema’s en figuren van jaren geleden kunnen opeens weer opduiken en inspiratie vormen voor een nieuwe reeks werken, kleuren, patronen en achtergronden van vroeger werk worden gefotografeerd en worden zo verwerkt in een collage of ‘wiskundig’ werk met patronen.

“Face V”, acryl, tape en sepiainkt op papier (nov 2016)

Hoewel hij meestal vertrekt vanuit een idee is het van fundamenteel belang dat hij zich als kunstenaar laat verrassen door de resultaten van zijn werk, die kunnen soms anders zijn dan wat hij oorspronkelijk had verwacht. Die opening houden, het flexibel omgaan met de creatie, voortbouwen op die verwondering zorgt voor een blijvende motivatie om door te gaan.
Hij wil zichzelf niet gaan ‘herhalen’, ‘virtuoos’ worden in een bepaalde werkmethode of stijl want dat doodt de verwondering en daarmee ook de lust voor het creëren.

Inspiratie komt vaak uit een fascinatie voor het spelen met vormen, hoe die patronen kunnen vormen, zich ontwikkelen tot abstracte schoonheid. Geometrische vormen, wiskundige berekening van patronen.. Allicht vormde dit ook de motivatie voor zijn keuze om bouwkundig tekenen te volgen.

Zijn belangstelling voor architecturale vormgeving blijft levend.
Ook de ontwikkeling van zijn alfabet komt hieruit voort.
Tijdens het werken met geometrische vormen waar hij patronen mee construeerde zag hij iets dat op letters leek. Daar ging hij mee aan de
slag. Hij creëerde een alfabet van lijnen die op elkaar aansloten. Reeds tijdens zijn opleidingsjaren heeft hij hiermee gespeeld, het kwam met tussenpozen terug in zijn Kortrijkse tijd’ en kwam echt goed tot leven toen hij met de computer begon te werken.


De opkomst van de computer was voor Peter Six een soort ‘noodzakelijkheid’. Hij kon nu pas echt aan de slag met het onderzoeken, wiskundig berekenen en weergeven van de mogelijkheden van een kleine vorm, daar patronen van maken.

Daarvoor moest hij gebruik maken van ruitjespapier, een echt monnikenwerk… Hoewel hij beschikt over een vaste hand kan je natuurlijk ook nooit dezelfde nauwkeurigheid en rechte lijnen maken die nodig zijn voor dergelijke werken.
Zijn eerste computer was een afdanker van 1 zijn broers die hij ergens in het begin van de jaren ’90 kon overnemen maar al snel besefte hij dat investeren in een krachtiger exemplaar zich opdrong.

Dunia (2014)

Als ik hem vraag om aan de hand van een foto van zijn werk ‘Dunia’ duidelijk te maken hoe hij tewerk gaat begint hij gedreven te vertellen hoe hij vertrekt vanuit een kleine figuur waarvan hij elk onderdeel apart invoert op zijn computer. Hij fotografeert kleuren en ondergronden uit andere werken of gewoon elementen die hij geschikt acht, alles wordt ingevoerd en dan kan het berekenen en construeren beginnen. In dit werk zorgde een computerfoutje voor een verrassende inslag, een breukje in het patroon die het werk net zijn originaliteit geeft.
Onderstaande video ‘Het verhaal van een tegel’ licht het fascinerende spel toe.

De computer en dan vooral het internet hielpen hem ook om na een moeilijke periode weer ‘met zijn werk naar buiten te komen’.  Veel foto’s en video’s van zijn werk (en van andere kunstenaars) zijn te bekijken in diverse zorgvuldig bijgehouden albums op zijn Facebook-pagina.
Doorgaans vind hij een gemiddelde van zo’n 3 tentoonstellingen per jaar een goed gemiddelde om te kunnen werken. Sommige jaren waren het er meer, na een psychisch zware periode waarin hij geen tentoonstellingen kon of wilde houden lukte het hem via Open Ateliers en Buren bij Kunstenaars om weer op zijn vroegere elan door te gaan.
Met galerijen heeft hij zich nooit verbonden. Dat heeft allicht veel te maken met zijn ‘eigenzinnigheid’, hij wil vooral zijn eigen inspiratie volgen en zich niet hoeven plooien naar de eisen van ‘de markt’.
Af en toe maakt hij weliswaar werken ‘in opdracht’ maar ook dan moeten die opdrachten in het verlengde liggen van zijn inspiratie en werkmethode op dat moment.
Ook laat hij zich, als hij de vrije hand krijgt, soms verleiden tot het ontwerpen van affiches (bv. Cactusfestival van 1988), tafelnappen voor een restaurant als het Nieuw Museum, het etiket van een streekbier (de Dulle Teve van De Dolle Brouwers uit Esen.of een poster (heruitgave van de Love Velo) was een opdracht voor Greenpeace.

Kunstenaar in Brugge

Een geschikt atelier vinden is niet zo gemakkelijk. Vanuit de Stad komen geen initiatieven om aan deze nood tegemoet te komen.
In 2011, , verenigden zich in Brugge een flink aantal (amateur) kunstenaars . Het is de bedoeling van KunstGroepBrugge om in eigen stad de (amateur-) kunsten te ondersteunen en te stimuleren, atelierruimte vinden is een prioriteit.

Twee jaar later en een nieuwe voorzitter verder, telt KunstGroepBrugge ongeveer 60 aangesloten leden. Een belangrijk deel daarvan, de kleine helft, huurde tot oktober van vorig jaar een eigen atelierruimte in de leegstaande lokalen van het voormalig kadastergebouw, Lange Raamstraat nr. 1. Het gebouw is eigendom van Wilma Project Development. De eigenaar wenst op deze site een woonproject te realiseren. In afwachting van het realiseren van dit bouwproject werden de gebouwen in bruikleen gegeven aan Entrakt. De KunstGroepBrugge VZW huurde vanaf 1 januari 2012 een deel van dit gebouw met de bedoeling om ateliers te verhuren aan lokale kunstenaars. Nu staan deze kunstenaars weer op straat. Momenteel zijn er nog geen vooruitzichten dat hier snel verandering in komt…

Peter Six wil geen uitspraken doen over het lokale cultuurbeleid. Hij schikt zich naar de mogelijkheden die zich voordoen en werkt gestadig door aan zijn oeuvre die met de jaren toch wel imposant kan worden genoemd.

Binnenkort is er weer een expositie in het Cultuurcafé: van zondag 19 februari tot woensdag 12 april 2017.

 

 

 

Related Posts

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.