Actiedag: Wake-up call voor de EU

Vredesactie organiseerde onlangs info-bijeenkomsten in een aantal grote Vlaamse steden en Brugge hoort daar sinds een 3-tal jaar ook bij.
Aanleiding is de publicatie van het Europees Defensie Actieplan (EDA) door de Europese Commissie en de nakende stemming hierover in het Europese parlement.
Een analyse van de beleidsvoorstellen van het Defensie Actieplan toont dat deze bijna letterlijk gebaseerd zijn op adviezen van de wapenindustrie. Laat het Europees Parlement haar democratische elan helemaal vallen voor een blinde oorlogseconomie?

Betekenis en inhoud van het EDA

In 2016 startte de Europese Unie voor het eerst in haar geschiedenis met de subsidiëring van een militair onderzoeksprogramma ter waarde van 90 miljoen euro, de zogenaamde Preparatory Action on Defence Research (PADR). Dit is nog maar het begin. De Europese Commissie stelt de oprichting van een Europees Defensie Fonds voor ter waarde van veertig miljard euro voor de komende tien jaar. Dit fonds moet het onderzoek, de ontwikkeling en de aankoop van wapens financieren.

In juni 2017 stelde de Europese Commissie het European Defence Industrial Development Programme(EDIDP) voor. Het EDIDP moet de ontwikkeling ondersteunen van nieuwe, coöperatieve wapenprogramma’sen de aankoop van deze wapens door lidstaten. In tegenstelling tot de militaire onderzoeksprogramma’szou het EDIDP grotendeels gefinancierd worden door de lidstaten.

Het Europees Defensiefonds bestaat dus uit twee delen:
1. Een militair onderzoeksprogramma van 500 miljoen euro per jaar. De Commissie wil hiermee de ontwikkeling van controversiële technologieën zoals drones en killer robots ondersteunen.
2. Een ‘capaciteitsfonds’ van 5 miljard euro per jaar om de gezamenlijke ontwikkeling en de aanschaf van wapensystemen door de lidstaten te garanderen. De financiering wordt voor 80 procent door de lidstaten gedragen. Europa staat in voor de overige 20 procent als de lidstaten zich verbinden tot het kopen van het eindproduct.
Bovendien moeten de lidstaten de aankoop van wapens via het Europees defensiebudget niet meerekenen in hun begrotingstekort. Met andere woorden, lidstaten moeten besparen op sociale voorzieningen, onderwijs, justitie en gezondheidszorg om de EU begrotingsnormen te halen. Maar miljarden uitgeven aan nieuwe wapensystemen wordt beloond.

.

Zelfs bij controversiële kwesties zoals de intellectuele eigendomsrechten lijkt de industrie in staat te zijn het beleid in een voor de industrie gunstige richting te sturen. Ondanks het feit dat onderzoek in het kader van de Preparatory Action voor honderd procent gefinancierd zal worden door de EU, zullen alle onderzoeksresultaten eigendom worden van de betrokken wapenbedrijven (wel met toegangsrechten voor de lidstaten indien zij een ontwikkelde technologie verder willen ontwikkelen).
Daarnaast wordt de aankoop van de nieuwe wapens door de Eu gegarandeerd. Daarnaast worden ook hinderlijke beperkingen op internationale wapenhandel door de lidstaten weggewerkt.

Vrije wapenexport

De Commissie benadrukte van bij het begin dat ze wapenexport niet wil belemmeren, ondanks de financiële bijdragen van de Europese Unie. Het European Defence Industrial Development Programme (EDIDP)   voorstel stelt: “de financiële steun door de Unie mag geen invloed hebben op de uitvoer van producten, apparatuur of technologieën, noch op de beoordelingsbevoegdheid van de lidstaten met betrekking tot het beleid inzake de uitvoer van defensiegerelateerde producten. De financiële steun door de Unie mag geen invloed hebben op het exportbeleid van de lidstaten inzake defensie gerelateerde producten”.

Defensiebeleid vanuit economische en militaristische motivatie

De buitensporige invloed van de wapenindustrie op het Europese besluitvormingsproces roept niet alleen vragen op over de legitimiteit van deze besluitvormingsstructuren.  De militaire technologieën die nu worden ontwikkeld, bepalen mee de oorlogsvoering van de toekomst. De Europese Unie is reeds gestart met de ontwikkeling van autonome wapens. Een wezenlijk publiek debat over de wenselijkheid van deze technologieën blijft uit, ondanks waarschuwingen van wetenschappers en van het Europees Parlement. Hoe deze technologieën veiligheidsuitdagingen tegemoet komen, is eveneens onduidelijk. Wapenprogramma’s op grote schaal ontwikkelen en wapensystemen aankopen zijn noodzakelijk om de defensie-industrie rendabel te houden, is het nieuwe adagio van de EU. Hiermee ondersteunt ze enkel de bedrijfsbelangen van een militair industrieel complex. De vragen welke wapens dan ontwikkeld moeten worden en of ze nodig zijn, worden blijkbaar niet meer gesteld.

Een stille machtsovername

De wapenindustrie probeert reeds lang vat te krijgen op het Europees beleid. Het lobbybudget van de grootste tien Europese wapenbedrijven is op vijf jaar tijd verdubbeld van 2,8 miljoen euro naar 5,6 miljoen euro per jaar.

Vredesactie stelde op basis van de Europese wet op openbaarheid van bestuur, vragen naar ontmoetingen tussen de Europese Commissie en de wapenindustrie. Hieruit blijkt dat de Commissie de afgelopen drie jaar minstens 36 maal aan tafel zat met de wapenindustrie om te praten over de Preparatory Action on Defence Research. De correspondentie tussen de industrie en het Europees Defensie-Agentschap is zo volumineus dat een doorlichting van die correspondentie gezien werd als ‘een te zware administratieve last’ voor de beleidsmedewerkers om ze aan Vredesactie te bezorgen.

Door te werken met een ‘Group of Personalities’ heeft de EU elke vorm van transparantie ontweken. Een Group of Personalities staat immers niet geregistreerd als een expertengroep die verplicht is om vergaderdata, agenda’s en verslagen openbaar beschikbaar te maken.
Zelfs de Europese ombudsman is deze onconventionele gang van zaken niet ontgaan. De ombudsman is dan ook een onderzoek gestart of de werkwijze van de Commissie wel correct was.

Ze hebben deze dagen ook niet veel te vrezen voor enige serieuze onderzoeksjournalistiek ter zake in de reguliere media. Gefocust op de waan van de dag en kijkcijfers verwaarlozen ze veelal om de burger grondig te informeren over (Europese) besluitvormingsprocessen.
Dat heeft op haar beurt weer een verminderde motivatie bij sommige Europarlementariërs om zich grondig te informeren over de consequenties van dit ‘defensiebeleid’.

De inspanningen van de wapenlobby  werpen vruchten af. De Europese Raad van staatshoofden en regeringen van juni 2015 bevestigde de Preparatory action voor Defensieonderzoek en riep op om de Europese defensie-industrie te versterken. In november 2016 stemde het Europees Parlement met een meerderheid voor de Preparatory Action on Defence Research (PADR).

Het is echter nog niet te laat om verdere implementering van het EDA een halt toe te roepen.
We zullen lawaai moeten maken om het Europese parlement wakker te schudden. Ze moeten wel wakker worden als ze hun verkiezingsslogans van een ‘sociaal en democratisch Europa’ nog enige schijn van waarachtige ambitie willen geven.
Bron: http://ikstopwapenhandel.eu/sites/default/files/Securing_profits_nl_web.pdf, uitstekende achtergrondinfo

Doe mee

Afspraak op 9 november om 9u30 in Brussel. Breng zelf een digitale of analoge wekker (op batterijen), een sirene of een mp3-speler met boxen mee.
Laat ons vooraf weten dat je meedoet via ikstopwapenhandel@vredesactie.be

Vanuit Brugge vertrekken we om 08.57u op perron 9

 

Boekenlegger op de permalink.

Geef een reactie